Eetstoornissen
Eetstoornissen
- Wat zijn Anorexia Nervosa, - Boulimia Nervosa en Binge Eating Disorder?
- Wat zijn de gevolgen van eetstoornissen?
- Hoe vaak komt het voor en gaat het over?
- Wat hebben eetstoornissen gemeenschappelijk?
- Wat zijn de oorzaken van eetstoornissen?
- Hoe kunnen eetstoornissen behandeld worden?
- Adviezen voor mensen met eetstoornissen van de Psychowijzer site
Wat zijn eetstoornissen
Wat is Anorexia Nervosa?
magerzucht
De naam anorexia nervosa (verkort tot anorexia) betekent letterlijk 'gebrek
aan eetlust door nerveuze oorzaken'. Deze naam is eigenlijk misleidend, omdat de
patiënten die hieraan lijden geen gebrek aan eetlust hebben, maar juist
doelbewust proberen hun eetlust en hongergevoel te onderdrukken. Anorexia zou
eigenlijk beter 'magerzucht' of 'lijnziekte' genoemd kunnen worden, want de
patiënten hebben een onweerstaanbare drang om af te vallen. Ze zijn er als het
ware aan verslaafd en gaan ermee door, zelfs als zij al sterk zijn vermagerd.
obsessie
Alles wat te maken heeft met eten, gewicht en lichaamsomvang is een obsessie
voor anorexia-patiënten. Ze tellen voortdurend calorien en tobben over wat ze
wel of niet moeten eten. Voedsel wordt slechts als 'toegestaan' beschouwd als
het weinig calorien bevat; vooral suikers en vetten zijn taboe.
dwangmatig
Vaak eten anorexia-patiënten iedere dag dezelfde dingen volgens een zichzelf
opgelegd ritueel. Iedere afwijking van dit strikte regime kan paniek oproepen en
wordt daarom op alle mogelijke manieren vermeden. Sommige patiënten kunnen dit
regime niet voortdurend volhouden en hebben bij tijd en wijlen last van
eetbuien, waarbij ze in korte tijd veel eten naar binnen werken. Na zo'n eetbui
voelen ze zich erg wanhopig en willen het eten zo snel mogelijk weer kwijt. Dit
doen ze dan vaak door zelf opgewekt braken of door het gebruik van
laxeermiddelen. Om nog meer af te vallen dwingen anorexia-patiënten zichzelf
vaak tot overmatige lichamelijke activiteit. Sommige patiënten beoefenen
bijvoorbeeld twee uur per dag aerobics, joggen dagelijks 10 kilometer of doen
iedere avond op hun kamer 500 buikspieroefeningen.
vertekend lichaamsbeeld
Hoewel de patiënten erg mager - soms zelfs extreem mager - kunnen worden,
blijven zij zichzelf dik voelen. Er is dus sprake van een sterk vertekend
lichaamsbeeld. Het is zelfs zo dat naarmate het gewicht lager wordt patiënten
steeds banger worden om aan te komen. Een pondje erbij wordt dan als een
regelrechte ramp ervaren.
voor de buitenwereld verbergen
Hoewel anorexia-patiënten wel bij anderen opmerken dat die te mager zijn,
blijven zij hun eigen toestand tegenover zichzelf en anderen vaak lang
ontkennen. Ze proberen hun eetgedrag en de lichamelijke gevolgen daarvan voor
anderen verborgen te houden uit angst voor druk die anders op hen uitgeoefend
zal worden om aan te komen. Anorexia- patiënten kunnen daarom lang volhouden dat
er niets met hen aan de hand is.
Wat is Boulimia Nervosa?
eetverslaving
Boulimia nervosa (verkort tot boulimia) betekent letterlijk
'eetlust als een os door nerveuze oorzaken'. Ook deze naam klopt niet helemaal,
omdat er sprake is van eetbuien die worden afgewisseld met perioden van
(bijzonder) matig eten. Bovendien hoeft het niet zo te zijn dat mensen met
boulimia een grote eetlust hebben voordat ze een eetbui krijgen. Het gaat om het
eten, niet om het stillen van honger. De drang om te eten lijkt op een
verslaving. Boulimia wordt dan ook wel eetverslaving genoemd.
eetbui
Tijdens een eetbui worden grote hoeveelheden eten naar binnen gewerkt en
hebben de patiënten het gevoel dat zij de controle over hun eetgedrag kwijt
zijn. Zij kunnen niet meer stoppen met eten. Het voedsel is dikwijls calorierijk
en wordt vaak zonder proeven doorgeslikt. Meestal is het voedsel dat de
patiënten zich buiten de eetbuien om niet toestaan.
De drang tot eetbuien is vaak zo groot dat patiënten deze gaan plannen. Zo
kunnen patiënten bijvoorbeeld gedurende de dag, op hun werk, nauwelijks iets
eten, om zich 's avonds wanneer ze alleen zijn over te geven aan een eetbui.
Maar een eetbui kan ook ontstaan wanneer patiënten het gevoel hebben 'over de
schreef' te zijn gegaan, omdat zij iets meer gegeten hebben dan zij zichzelf
hadden toegestaan. De frequentie van de eetbuien varieert van persoon tot
persoon. De ene patiënt(e) heeft twee eetbuien per week, de andere heeft er vele
per dag.
braken, laxeren en vasten... en weer een eetbui
Na een eetbui proberen boulimia-patiënten het eten zo snel mogelijk weer
kwijt te raken. Vaak gebeurt dit door zelf opgewekt braken en/of het gebruik van
laxeermiddelen en/of plasmiddelen. Het kan ook zijn dat er geen gebruik wordt
gemaakt van deze middelen, maar dat na een periode van eetbuien een periode van
streng vasten volgt. Als reactie op het hongergevoel dat door het vasten
ontstaat, kunnen weer nieuwe eetbuien volgen. Ook het feit dat patiënten weten
dat zij het eten na een eetbui weer snel kwijt kunnen, vormt vaak een voorwaarde
voor het optreden hiervan.
obsessie
Net als anorexia-patiënten zijn boulimia-patiënten dus geobsedeerd door
voedsel, gewicht en lichaamsomvang.
voor de buitenwereld verbergen
De meeste boulimia-patiënten hebben echter een normaal gewicht, al komt het
ook voor dat ze mager of dik zijn. Wat hun gewicht ook is, in hun beleving zijn
ze in ieder geval te dik en ze proberen dan ook voortdurend slanker te worden of
op gewicht te blijven. Boulimia-patiënten schamen zich vaak erg voor hun
eetbuien en proberen deze voor de buitenwereld verborgen te houden. Vandaar dat
zij ogenschijnlijk vaak normaal functioneren.
Wat is 'Binge Eating Disorder' of eetbuistoornis)?
Naast anorexia en boulimia wordt vaak ook 'Binge Eating Disorder' (BED), ook
wel eetbuienstoornis genaamd, als een ander eetprobleem gezien. Het lijkt in
veel opzichten op anorexia en boulimia. De lichamelijke aspecten kunnen
verschillen, maar de sociale en psychische effecten verschillen niet veel. BED
kan leiden tot gebrek aan essentiële stoffen (zoals vitamines, mineralen), en
het uit balans raken van de natrium/kalium huishouding. Dit zijn heel
gevaarlijke gevolgen.
BED is veel meer dan alleen soms een frustratie "wegeten". Het kan het hele
leven gaan overheersen, en dan wordt het tijd om er iets aan te doen, en steun
en hulp te zoeken voor het probleem. Hieronder staan een paar uitspraken.
Wanneer veel van de genoemde criteria van toepassing zijn, en zeker wanneer de
net genoemde lichamelijke verschijnselen optreden, dan is het belangrijk dat er
hulp wordt gezocht. Maar ook als je geen duidelijke lichamelijke klachten zijn,
is het verstandig in te grijpen. Hoe eerder er hulp en openheid komt, hoe groter
de kans op genezing.
- Je wilt graag slank worden en maakt dagelijks voornemens over wat je mag
eten van jezelf
- Je onderscheidt 'goed' voedsel en 'slecht' voedsel, en probeert 'slecht',
dat wil zeggen calorierijk, voedsel te vermijden
- Je weegt jezelf veelvuldig, vaak wel een paar keer per dag
- Je stemming wordt grotendeels bepaald door wat je weegt en wat je eet
- Wanneer je je rot voelt of wanneer je voor je gevoel toch al 'te veel'
hebt gegeten, krijg je een eetbui, waarin je heel veel, vaak juist 'slecht'
voedsel naar binnen werkt
- Je schaamt je voor je eetgedrag en voelt je een slappeling, maar kunt er
toch niet mee stoppen, hoe je het ook probeert
- Je houdt je eetproblemen voor de buitenwereld verborgen, en eet in
gezelschap daarom vaak zo gewoon mogelijk
- Je bezoekt, om onopvallend aan eten te komen, vaak verschillende winkels,
en geeft daarbij soms veel geld uit
- Je hebt lichamelijke verschijnselen, zoals vermoeidheid, lusteloosheid,
slapeloosheid, hoge bloeddruk, vochtophoping in de benen
Hulp zoeken is niet gemakkelijk. BED-patiënten schamen zich vaak zo voor hun
eetgedrag, dat ze er met niemand over durven te praten. Toch is het belangrijk
dat te doen. BED is een ziekte, geen schaamtevolle gewoonte van iemand zonder
wilskracht. Integendeel: er is veel wilskracht voor nodig om gewoon maar door te
gaan, hoewel eten en gewicht een obsessie is waar je altijd aan moet denken.
Hoe vaak?
Anorexia en Boulimia Nervosa komen voornamelijk voor bij
vrouwen; ongeveer 5% van de patiënten is man. (in het hoofdstuk links staan 2
links specifiek voor mannen).
Anorexia komt voor bij 1.4 op de 1000 vrouwen. De
schattingen voor boulimia zijn aanmerkelijk hoger: 4,5% van de vrouwen en 1,5%
van de mannen zou hier aan lijden. De ziektes duren gemiddeld 7,5 jaar, met een
spreiding van een half jaar tot dertig jaar.
Genezing?
De weg naar genezing is vaak lang. Ongeveer 40% van de
patiënten herstelt volledig, 40% herstelt gedeeltelijk en 20% herstelt niet.
Ongeveer 10% van de patiënten overlijdt aan de gevolgen van
deze ziektes.
Anorexia Nervosa?
|
Boulimia Nervosa?
|
De lichamelijke gevolgen
|
|
Anorexia-patiënten kunnen door hun eetgedrag erg
vermageren. Door de ondervoeding en vermagering kunnen veel lichamelijke
klachten optreden.
- Bij vrouwen stopt
de menstruatie, want de hormonen die voor de menstruatiecyclus
zorgen nemen af tot het niveau van voor de puberteit. Het uitblijven van
de menstruatie gaat gepaard met tijdelijke onvruchtbaarheid.
- De ademhaling en de
hartslag worden trager. Ook de bloeddruk daalt. Dit komt doordat het
lichaam bij dalend gewicht en verminderde voedselinname zoveel mogelijk
overschakelt op besparing in de stofwisseling. Als gevolg hiervan voelen
de patiënten zich dikwijls erg moe, duizelig, lusteloos, depressief.
- Doordat er weinig
eten wordt verbrand, daalt de lichaamstemperatuur en hebben de patiënten
last van koude, blauwe handen en voeten. Ook kan, als gevolg van de
lage lichaamstemperatuur, een donsachtige beharing in het gezicht,
op de armen, borst en rug ontstaan.
- De conditie van het
gebit en de haren verslechtert.
- Er kan
haaruitval optreden.
- De huid
wordt droog en schilferig en verslapt.
- Door de beperking
van de voedselinname kan verstopping optreden. Dit is voor
anorexiapatiënten vaak een reden om in paniek te raken en toevlucht te
nemen tot braken of laxeermiddelen.
- Bij extreme
vermagering ontstaat vaak een vochtophoping (oedeem) in de
onderbenen.
- Als patiënten sterk
vermageren wordt spierweefsel afgebroken.
- Het honger- en
verzadigingsmechanisme raakt volkomen verstoord. De patiënten
voelen op den duur niet meer wanneer ze honger hebben of negeren het
hongergevoel.
- Anorexia-patiënten
slapen vaak slecht. Meestal slapen zij moeilijk in of zijn al vroeg
weer wakker. Vaak lossen zij dit probleem op door 's morgens vroeg al weer
met werk, studie of andere activiteiten te beginnen.
- Door het ontoereikende of eenzijdige dieet kunnen tekorten aan
bepaalde mineralen en vitamines ontstaan. Bij patiënten die laxeer- en/of
plasmiddelen gebruiken en/of regelmatig braken kunnen ernstige stoornissen
in de electrolytenhuishouding ontstaan, in het bijzonder een tekort aan
kalium. Dit kan leiden tot nier- en leverbeschadigingen, spierkrampen,
hartritmestoornissen en zelfs hartstilstand.
|
Bij boulimia nervosa kunnen als gevolg van het
onregelmatige eetpatroon, het braken en het laxeren een groot aantal
klachten optreden.
- Bij vrouwen kunnen menstruatiestoornissen optreden. De
menstruatie is dan erg onregelmatig of blijft uit.
- Verstoring van het honger- en verzadigingsmechanisme. De
patiënten weten niet meer wanneer zij honger hebben of wanneer zij vol
zitten.
- Door veelvuldig braken komen de slokdarm en de mondholte voortdurend
in contact met het maagzuur. Hierdoor wordt het glazuur van het gebit
aangetast (cariës) en kunnen de speekselklieren opzetten. Ook keelpijn
en langdurige heesheid kunnen door het braken ontstaan.
- Door het gebruik van laxeer- en vochtafdrijvende middelen raakt de
vochthuishouding verstoord. Het gevolg hiervan kan een lage bloeddruk zijn
met klachten als duizeligheid, zwakte, een licht gevoel in het hoofd en
flauwvallen.
- Door braken of het gebruik van laxeermiddelen kan een tekort aan
kalium ontstaan, wat kan leiden tot nier- en leverbeschadigingen,
spierkrampen, hartritmestoornissen en hartstilstand.
- Er kan een tekort aan vitaminen en mineralen ontstaan. Ook kan
bloedarmoede optreden.
- Bij patiënten die regelmatig veel eten, rekt de maag uit. In het
ernstigste geval kan de maagwand scheuren door het plotselinge
uitzetten van de maag. Dit laatste komt echter niet zo vaak voor.
- Patiënten kunnen verslaafd raken aan de laxeermiddelen.
|
lichamelijke symptomen na de eetstoornis
|
blijvende/tijdelijke
Bijna alle lichamelijke symptomen verdwijnen wanneer de patiënten weer
een stabiel, normaal gewicht hebben bereikt.
onherstelbaregevolgen
Als de ziekte echter vele jaren duurt, kan onherstelbare schade
aangericht worden. Zeker omdat anorexia-patiënten zelf vaak de ernst van hun
lichamelijke toestand ontkennen, is dit risico aanwezig.
botten
Bij vrouwen die langdurig niet menstrueren, kan op den duur botafbraak
(osteoporose) ontstaan. Hierdoor neemt de kans op botbreuken toe. Al met al
is het beslist niet overdreven om anorexia nervosa als een lichamelijk
gevaarlijke ziekte te beschouwen. |
blijvende/tijdelijke
De meeste lichamelijke symptomen kunnen zich herstellen als de
eetstoornis verdwijnt. Dit kan echter wel enige tijd duren.
verborgen lichamelijke klachten
Omdat veel mensen met boulimia nervosa een normaal lichaamsgewicht
hebben, is het door anderen vaak moeilijk te zien dat zij een eetstoornis
hebben. Omdat de patiënten zich doorgaans over hun eet- en purgeergedrag
schamen, spreken zij vaak niet over hun lichamelijke klachten, waardoor deze
onopgemerkt blijven. Dit maakt boulimia nervosa tot een lichamelijk
gevaarlijke ziekte. |
De sociale gevolgen
|
isolement
Mensen met anorexia voelen zich vaak geïsoleerd en
verlaten. De omgeving begrijpt niet dat de patiënten hun lichaam heel anders
ervaren dan anderen het zien. De vermagering en het abnormale eetgedrag
roepen veel onbegrip en bezorgdheid op bij familie en vrienden. Daarom
proberen zij hun eetstoornis zo veel mogelijk verborgen te houden en zullen
zij allerlei smoesjes en uitvluchten verzinnen. Hierdoor kunnen zij door hun
omgeving als leugenachtig of onbetrouwbaar worden ervaren.
stress
Anorexia-patiënten zijn eigenlijk voortdurend bezig met het plannen en
geheimhouden van hun eetgedrag. Dit veroorzaakt veel stress. Iets gewoons
als een etentje of een verjaardagsfeestje kan anorexia-patiënten erg nerveus
maken. Door de stress worden ze kwetsbaar, onzeker, dwingerig of snel
geïrriteerd en hebben ze last van grote stemmingswisselingen. Ze moeten van
zichzelf aan een heleboel regels voldoen en worden in hun denken en doen erg
in beslag genomen door hun ziekte.
obsessie
Anorexia-patiënten gaan zich op den duur steeds meer afzonderen van de
mensen om hen heen. Ze zijn uiteindelijk alleen nog maar bezig met wèl of
niet eten, met dik of dun zijn, of met hardlopen, fietsen of zwemmen. Hoewel
ze vaak grote moeite doen om zich zo aangepast mogelijk te gedragen, zijn
zij zo door hun ziekte geobsedeerd, dat zij haast niets meer voor andere
mensen of zaken kunnen voelen. Zij komen daardoor al gauw in een sociaal
isolement. |
isolement
Boulimia-patiënten voelen zich dan ook vaak erg eenzaam in de worsteling
met hun ziekte. Ze zoeken pas hulp als de wanhoop te groot is om mee verder
te leven. Als ze er uiteindelijk toe zijn gekomen hun probleem aan anderen
te vertellen, voelen ze zich nog vaak alleen. Het is moeilijk om aan
buitenstaanders duidelijk te maken wat het betekent om met zo'n dwang te
moeten leven.
Boulimia-patiënten zijn in gedachten veelvuldig bezig met eten en ze
piekeren vaak over hun uiterlijk en gewicht. Hierdoor kunnen ze zich
moeilijk op andere dingen concentreren, zoals studie en het onderhouden van
relaties. Mensen met boulimia komen daarom op den duur vaak in een sociaal
isolement terecht.
dubbelleven
Omdat ze zich zo schamen en bang zijn om afgewezen te worden, proberen
boulimia-patiënten vaak hun eetbuien voor anderen verborgen te houden. Het
braken en het gebruik van laxeermiddelen houden zij uiteraard ook geheim. Zo
lijden velen van hen jarenlang een soort 'dubbelleven', waarbij zelfs een
levenspartner, ouders of een beste vriendin niet op de hoogte zijn van hun
problematiek. De eetbuien fungeren dan als uitlaatklep om ogenschijnlijk
probleemloos te blijven functioneren.
walging
Boulimia-patiënten stellen, net als een anorexia-patiënten, hoge eisen
aan zichzelf. Daarom beschouwen zij het feit dat zij hun eetgedrag niet in
de hand kunnen houden als gebrek aan wilskracht en zelfbeheersing. Hierdoor
voelen ze zich schuldig en krijgen ze vaak een hekel aan zichzelf. Als ze er
daarnaast ook nog niet in slagen het, in hun ogen, ideale lichaamsgewicht te
handhaven, kan dit uitlopen op een enorme walging van zichzelf.
geld
Het vele eten en de laxeermiddelen kosten veel geld. Boulimia-patiënten
komen daarom niet zelden in financiële problemen. Dit versterkt hun
isolement, want hierdoor wordt het ook weer moeilijker om iets met anderen
te ondernemen. Uitgaan kost immers ook weer geld. Als de financiële zorgen
groot worden, komt het ook voor dat de patiënten voedsel gaan stelen uit de
winkel. Hier voelen ze zich dan weer erg schuldig over. |
Wat hebben anorexia en boulimia gemeenschappelijk
In eerste instantie lijkt er een tegenstelling te bestaan tussen 'hongeren'
en 'zichzelf regelmatig overeten'. Toch hebben anorexia, boulimia en
eetbuienstoornissen veel overeenkomsten. De patiënten hebben dan ook een aantal
kenmerken gemeenschappelijk. De stoornissen kunnen bij dezelfde persoon
optreden. Het komt regelmatig voor dat anorexia-patiënten op den duur boulimia
ontwikkelen. De oorzaken zijn ook vaak dezelfde. Deze worden in het volgende
hoofdstuk beschreven.
Voor de meeste mensen met een eetstoornis geldt:
- Ze zijn geobsedeerd door alles wat te maken heeft met eten,
gewicht en lichaamsomvang. In hun gedachten zijn ze voortdurend
bezig met wat ze wel of niet zullen eten en met de gevolgen die dit op
de weegschaal of voor de spiegel zal hebben.
- Ze zijn extreem bang om aan te komen. Afvallen of hetzelfde
gewicht weten te houden stelt hen gerust. Door deze obsessie verandert
hun eetgedrag.
- Ze zijn vervreemd geraakt van hun lichaam. Ze hebben een
hekel aan hun lijf en ervaren zichzelf veel dikker dan ze in
werkelijkheid zijn. Omdat ze zich voortdurend dik en opgezwollen voelen,
luisteren ze niet naar de signalen die hun lichaam geeft, wanneer het
behoefte heeft aan voedsel. Op den duur zijn ze niet meer in staat om
deze signalen te voelen.
- Ze hebben weinig zelfvertrouwen en een sterke behoefte om
gewaardeerd te worden door anderen. Ze zijn bang om te falen en
stellen hoge eisen aan zichzelf om zo waardering te krijgen. Ze hebben
vaak het gevoel dat ze tekort schieten en niets goed genoeg doen.
Hierdoor voelen ze zich erg machteloos. De eetstoornis is hier
vaak een reactie op. Wanneer patiënten in de ban zijn geraakt van hun
eetstoornis, wordt dit gevoel van machteloosheid steeds meer versterkt.
|
Oorzaken Eetstoornissen
veel vrouwen maar ook mannen
Er is niet één oorzaak voor het ontstaan van eetstoornissen aan te wijzen.
Een combinatie van factoren speelt een rol. Omdat anorexia en boulimia
overwegend bij vrouwen en meisjes voorkomen, hebben cultureel-maatschappelijke
en sociale verklaringen zich tot nu toe grotendeels toegespitst op hun situatie.
Maar ook jongens en mannen lijden aan eetstoornissen (zie ook in de links). Het
zal daarom duidelijk zijn dat geen van de factoren op zichzelf de doorslag
geeft.
Het gaat altijd om een samenspel, waarbij de invloed van de specifieke
factoren bij elke patiënt weer enigszins anders kan liggen. Globaal kunnen de
volgende factoren worden onderscheiden. (veel punten kunnen gedeeltelijk ook bij
een van de andere factoren ondergeschoven worden)
Cultureel-maatschappelijke factoren
reactie tegen de te hoge of tegenstrijdige vewachtingen
De hedendaagse maatschappij stelt vaak veel eisen aan de moderne man en
vrouw. Deze vaak tegenstrijdige verwachtingen kunnen leiden tot het onmogelijke
streven om 'perfect' te zijn of tot verwarring over de eigen identiteit als
vrouw. Manipulaties van het eetgedrag en het lichaam kunnen dan manieren om met
deze problematiek om te gaan.
slankheidsideaal
Eén eis die aan vrouwen in de westerse cultuur wordt gesteld speelt daarbij
een centrale rol: slank zijn. Het slankheidsideaal lijkt een belangrijke factor
in het ontstaan van anorexia en boulimia nervosa. Het 'ideale' vrouwelijke
figuur, zoals dat in de media veelvuldig wordt getoond, is steeds minder
vrouwelijk, dat wil zeggen: heeft steeds minder heupen en billen. Het gewicht
van modellen daalt nog steeds en ligt dikwijls ruim onder de norm voor een
diagnose van anorexia nervosa. In landen als Japan, waar de invloed van de
westerse cultuur toeneemt, neemt ook het aantal anorexia- en boulimiagevallen
toe.
Onder invloed van deze westerse 'ideaalbeelden' doen veel vrouwen dan ook
'aan de lijn', soms een leven lang. Meisjes blijken steeds jonger ontevreden te
zijn met hun uiterlijk en proberen hun voedselinname te beperken. Juist het
dieet houden vormt een belangrijke risicofactor voor het ontstaan van
eetstoornissen, zeker wanneer men geen of maar een matig overgewicht heeft. Voor
anorexia-patiënten geldt dat zij doorschieten in hun lijngedrag; voor
BED/boulimia-patiënten geldt dat het lijngedrag het ontstaan van eetbuien in de
hand werkt.
Sociale factoren
opmerkingen familieleden, partners, vrienden, klasgenoten, medestudenten of
collega's
De invloed van het westerse slankheidsideaal dringt uiteraard niet alleen
door via de media, maar manifesteert zich ook in de sociale omgeving. Ongezond
lijngedrag van bijvoorbeeld een ouder kan leiden tot ongezond lijngedrag van een
kind. Herhaalde, kritische opmerkingen over lichaamsomvang, uiterlijk en gewicht
door familieleden, partners, vrienden, klasgenoten, medestudenten of collega's
kunnen aanleiding geven tot onnodig lijngedrag, dat zich weer kan ontwikkelen
tot anorexia of BED/boulimia. Naarmate de persoon die de kritische opmerkingen
maakt een belangrijker rol speelt in iemands leven, zal het schadelijke effect
groter zijn.
beroepen waarin lichamelijke perfectie nagestreefd wordt
Maar kritische opmerkingen hoeven niet eens aan een persoon zelf gericht te
zijn om een negatief effect te hebben. In een situatie waarin systematisch op
uiterlijk wordt beoordeeld, zal men de heersende normen al snel op zichzelf gaan
toepassen. Wanneer lichamelijke perfectie van groot belang wordt geacht, zoals
in het ballet, de modellenwereld en in de sport, lopen vrouwen het risico door
te schieten in hun streven aan die norm te voldoen.
onvermogen om met emoties om te gaan
Behalve druk uit de directe omgeving om aan het slankheidsideaal te voldoen,
kan de omgeving ook nog op een andere manier aanleiding geven tot het
ontwikkelen van eetproblemen. Vaak komt het voor dat patiënten binnen het gezin
niet voldoende geleerd hebben gevoelens te uiten of conflicten op te lossen. De
patiënten kunnen dan niet omgaan met emoties, zoals boosheid, verdriet en soms
zelfs vreugde, en brengen deze ten onrechte in verband met eten. Ook ingrijpende
traumatische ervaringen, zoals incest en lichamelijk of geestelijk geweld,
kunnen leiden tot het ontstaan van een eetstoornis.
Psychologische factoren
kwetsbaar, vertekend lichaamsbeeld, lage zelfwaardering en extreem
perfectionisme
Hoewel cultureel-maatschappelijke en sociale factoren voor
het ontstaan van eetproblemen zeker een rol van betekenis spelen, kunnen ook
meer persoonsgebonden factoren van belang zijn. Mensen met anorexia en boulimia
zijn over het algemeen kwetsbaar en ze trekken zich meer dan anderen allerlei
zaken aan. Ze willen alles erg goed doen, maar slagen hier in hun eigen ogen
bijna nooit in.
Wanneer vanuit deze onzekerheid conclusies worden getrokken die vervolgens
het denken gaan bepalen ('Alleen als ik tien kilo afval, zullen mensen mij
aardig vinden'), komen patiënten in een neerwaartse spiraal terecht: al het
succes of falen wordt tenslotte in verband gebracht met het lichaamsgewicht. Een
vertekend lichaamsbeeld, lage zelfwaardering en extreem perfectionisme zijn dan
ook kenmerkend voor patiënten met anorexia en boulimia.
puberteit
Het feit dat eetproblemen vaak in de puberteit ontstaan, wijst erop dat juist
de grote lichamelijke en psychologische veranderingen van die periode tot een
groter risico leiden. Zeker meisjes laten een grote daling in zelfvertrouwen
zien. Onzekerheid over de nieuwe rol als vrouw kan leiden tot de behoefte om het
meisjeslichaam 'in de hand te houden'. Ook kan het eetgedrag een manier zijn om
een besef van autonomie, dat niet voldoende aanwezig is, te ontwikkelen.
Controle over het lichaam wordt dan synoniem met controle over het eigen leven.
na puberteit
Eetstoornissen kunnen echter ook na de puberteit ontstaan. In dat geval
spelen soms bijzondere gebeurtenissen een rol die op een andere manier kennelijk
niet goed verwerkt kunnen worden, zoals een verbroken relatie, het overlijden
van een geliefd persoon, het huis uit gaan, seksueel misbruik, een zwaar examen
moeten doen of het krijgen van een kind.
Lichamelijke factoren
Tot nu toe zijn er geen ondubbelzinnige aanwijzingen dat eetstoornissen een
puur lichamelijke oorzaak hebben. Naar zaken als erfelijkheid, zinktekort en de
invloed van neurotransmitters wordt onderzoek gedaan, maar vooralsnog zonder
eenduidig resultaat.
Hoe behandelen?
Eetstoornissen zijn ernstige ziekten. De lichamelijke en sociale gevolgen
zijn niet gering. De weg naar genezing is vaak lang. Naarmate een eetstoornis
langer duurt, wordt het moeilijker deze met succes te behandelen. De drempel
naar de hulpverlening is echter hoog, omdat patiënten moeilijk erkennen dat zij
hulp nodig hebben.
Als zij die stap eenmaal gezet hebben, is het belangrijk dat zij het gevoel
hebben dat zij serieus genomen worden door de hulpverlener. Zij moeten
vertrouwen hebben in hun behandeling, wil deze succes kunnen hebben. Een goede
behandeling gaat altijd in op zowel het eetgedrag als de achterliggende
problemen.
huisarts
In de Nederlandse gezondheidszorg speelt de huisarts een centrale rol. Hier
komt de eerste hulpvraag dan ook vaak binnen. De huisarts kan doorverwijzen naar
de geestelijke gezondheidszorg, bijvoorbeeld naar een psycholoog/psychiater, een
RIAGG, een polikliniek van een psychiatrisch ziekenhuis of van de psychiatrische
afdeling van een algemeen ziekenhuis (PAAZ), of een speciaal behandelcentrum
voor eetstoornissen. Hier kan een behandeling plaatsvinden.
therapie
Er zijn verschillende behandelingen mogelijk. Welke vorm van therapie gekozen
wordt is afhankelijk van de aard van de achterliggende problematiek, de leeftijd
en de sociale situatie van de patiënten. Ook speelt de voorkeur van de
behandelaar voor een bepaald behandelmodel een rol. De hulp kan bestaan uit
individuele gesprekstherapie, gedragstherapie, groepstherapie of gezinstherapie.
Ook kan voor een combinatie van deze therapiën gekozen worden.
geneesmiddelen
Soms kunnen geneesmiddelen deel uit maken van de behandeling van patiënten
met eetstoornissen. Voor anorexia zijn er op dit moment geen echt werkzame
medicijnen bekend. Soms worden kalmeringsmiddelen voorgeschreven om de
spanningen te verminderen. Voor boulimia worden soms antidepressiva
voorgeschreven. Deze middelen kunnen ondersteunend werken bij de behandeling van
ernstige depressiviteit. Ze nemen echter de achterliggende problemen niet weg en
mogen daarom uitsluitend in combinatie met psychotherapie worden gebruikt.
opname
Soms zal het nodig zijn patiënten op te nemen in het ziekenhuis of te
verwijzen naar een (gespecialiseerd) psychiatrisch ziekenhuis. Dit hangt af van
de ernst van de lichamelijke of geestelijke problemen. Bij zeer ernstig
vermagerde patiënten kan een opname in een algemeen ziekenhuis, meestal op de
afdeling interne geneeskunde, noodzakelijk zijn. Als zij daar niet door
zelfstandig eten aankomen, kan het, om hun leven te redden, nodig zijn
sondevoeding toe te dienen.
ondervoeding behandelen
Met een psychotherapeutische behandeling kan pas begonnen worden als de
patiënten in een redelijke lichamelijke conditie verkeren. Ernstige ondervoeding
leidt tot stoornissen in het gevoelsleven. Sterk vermagerde patiënten voelen
vaak niet veel of weten niet meer wat ze voelen. Ze zien de ernst van hun
problematiek niet meer voldoende in of voelen zich volkomen onmachtig iets aan
hun situatie te veranderen.
speciale behandelcentra
Er zijn in Nederland een aantal speciale behandelcentra, met de mogelijkheid
om ambulant, poliklinisch of klinisch behandeld te worden. Deze instellingen
hebben doorgaans wachtlijsten. Het is mogelijk dat het aantal gespecialiseerde
behandelcentra in de toekomst zal worden uitgebreid. Naast deze centra is bij
een toenemend aantal hulpverleningsinstanties in heel Nederland steeds meer
specifieke deskundigheid aanwezig. Verspreid in het land is men recent ook
begonnen met het opzetten van nazorgprojecten. Deze bieden (ex-)patiënten de
mogelijkheid om na afronding van hun behandeling nog ervaringen uit te wisselen
en elkaar te steunen. De Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa beschikt over
meer informatie over de behandelingsmogelijkheden in Nederland.
Zelfhulpgroepen
De Stichting Anorexia en Boulimia Nervosa heeft zelfhulp-
en nazorggroepen, waar (ex-)patiënten terecht kunnen. Zelfhulpgroepen richten
zich op de erkenning en herkenning van het probleem, de aanpak van het
eetgedrag, en het inzicht geven in achterliggende problemen.
Nazorggroepen
Nazorggroepen (oftewel nazorgzelfhulpgroepen) richten zich
op omgaan met nieuw eetgedrag, leren omgaan met terugval, en resocialisatie in
de maatschappij. In de praktijk blijkt dat een intensieve behandeling, in welke
vorm dan ook, vaak niet genoeg is voor een succesvolle genezing. Een belangrijke
reden is dat de (ex-)patiënt weer terug keert naar zijn of haar oude
leefpatroon, waarbij een terugval in oude gewoontes weer kan plaatsvinden. In
veel gevallen speelden problemen in eigen leefsituatie al een rol bij de
ontwikkeling van de eetstoornis, problemen die niet zo gemakkelijk verdwijnen.
Om deze reden zijn er op een aantal plaatsen nazorggroepen gestart, die er naar
streven door onderlinge steun, en onder begeleiding ook de laatste stappen naar
een normaal leven te kunnen zetten.
Overigens, mensen die behoefte hebben aan een persoonlijk
gesprek kunnen 24 uur per dag de
SOS telefonische hulpdienst
benaderen. Deze beschikt over telefoonnummers van vrijwilligers van de
stichting. Het lokale nummer van de SOS hulpdienst staat op de achterzijde van
de telefoongids.
Adviezen voor mensen met eetstoornissen van
de Psychowijzer site
- Hou een dagboek bij over eten. U kunt
bijvoorbeeld opschrijven hoe vaak u aan eten denkt en hoe vaak u eet, hoeveel
u eet, waarom u eet -of juist niet-, wat u denkt en voelt u als u eet -of
juist niet. Dit geeft inzicht in uw eetgedrag; u kunt zien wat er goed en
gezond aan is en wat u anders zou moeten aanpakken.
- Probeer verspreid over de dag drie maaltijden
te eten en maximaal twee tussendoortjes. Als u het gevoel heeft dat u uw
eetgedrag niet meer in de hand heeft, plan dan de maaltijden tot in de
details. Bepaal vooraf precies wat u zult eten, hoe laat en hoe veel.
- Eet bij voorkeur in gezelschap van anderen,
dat kan helpen gewoon te eten.
- Schrijf uzelf dagelijks een gezonde
voedselvoorraad voor en eet die ook op.
Weeg uzelf niet vaker dan eenmaal per week.
- Stel uzelf dagelijks beperkte doelen en hou
bij wat u bereikt heeft. Als u teveel tegelijk wil doen, kan dat niet lukken.
Mislukt er eens iets? Volgende keer beter, dan. Noteer alle vooruitgang die u
boekt, hoe klein die in uw ogen misschien ook is.
- Wees eerlijk tegen uzelf over wat er aan de
hand is. Ga na of u aan eten denkt om niet aan andere dingen te hoeven denken,
zoals uw eigen angst, onzekerheid of somberheid.
- Probeer de problemen goed op te sporen en ze
ook op te lossen.
- Denk niet dat u alles alleen moet oplossen.
Neem iemand in vertrouwen en vertel wat u meemaakt. Ga er ook op in als iemand
met u over uw problemen wil praten. Het contact met mensen die anorexia
hebben, kan een grote steun zijn.
- Er worden allerlei cursussen gegeven die
bedoeld zijn om meer zelfvertrouwen te krijgen of om sociale vaardigheden bij
te leren. De kans is groot dat het u goed doet, dus let er eens op.
- Komt u er niet uit? Vraag dan advies aan een
deskundige. Bij de huisarts kunt u eventueel een verwijzing vragen naar een
gespecialiseerde kliniek, om tot een goede diagnose te komen.
|